Verdieping
Resultaat 997–1008 van de 1089 resultaten wordt getoond
Uitlokking door burgers en de (on)bruikbaarheid van het daardoor verkregen bewijsmateriaal
M. Lochs
Naar aanleiding van het verschijnsel van zogenaamde pedojagers rijst de vraag of in het strafproces gebruik kan worden gemaakt van bewijs dat is verkregen door middel van uitlokking door burgers. In dit artikel wordt onderzocht wat het in de strafrechtspraak ontwikkelde toetsingskader van uitlokking betekent voor de omgang met dergelijk bewijs. Daarbij wordt tevens aandacht besteed aan het in Engeland geldende leerstuk van private entrapment.
Advertorial
Als Officier van Justitie heb je de regie over het opsporingsonderzoek, bijv. bij grote drugszaken in de haven van Rotterdam. Welke methode pas jij toe?
Bij een terminal op de Maasvlakte houdt de politie 3 jongens aan. Ze zijn geronseld om drugs op te halen bij een container in de haven. De vangst: 1000 kilo coke. Maar dan begint het pas. Een van hen heeft een telefoon bij zich. Het tappen levert direct al volgende aanknopingspunten op. Wie spoor je allemaal op? Lees meer >>
Verdieping | Verdiepend artikel
maart 2022
AA20220177
Resultaat 997–1008 van de 1089 resultaten wordt getoond





Deze bijdrage onderzoekt hoe het Internationaal Strafhof moreel ambigue daders benadert, met bijzondere aandacht voor voormalige kindsoldaten die na hun achttiende internationale misdrijven plegen. Aan de hand van de zaak tegen Dominic Ongwen wordt betoogd dat het strafrechtelijke kader van het Internationaal Strafhof in beginsel voldoende ruimte biedt om hun moreel complexe status te adresseren, maar dat deze ruimte in zijn geval onvoldoende is benut.
In dit artikel wordt het Kadi-arrest van het HvJEG (3 september 2008) besproken. In dit artikel wordt eerst de feitelijke en juridische context weergegeven. Vervolgens wordt ingegaan op de verhouding tussen EU- en VN-recht en de positie van fundamentele rechten in die verhouding. Daarbij wordt ingegaan op enkele problematische punten in de uiteindelijke positie van het Hof waaronder de ‘Solange-val’. In §4 wordt vervolgens gekeken naar de gevolgen van het schenden van fundamentele rechten en het Kadi-arrest, waarna tot slot kort wordt ingegaan op de rechtsbasis en wordt geëindigd met een conclusie.
Het is van essentieel belang dat bij de totstandkoming van een overeenkomst al wordt nagedacht over mogelijke risico’s ten aanzien van de uitleg daarvan en hoe deze risico’s zoveel mogelijk kunnen worden beperkt. Mocht het tot een geschil komen, dient een partij bovendien zoveel mogelijk (processuele) waarborgen te treffen om de kans op een voor haar gunstige uitleg van de overeenkomst te vergroten. Dit artikel is bedoeld om studenten vanuit een praktische invalshoek een inleiding te geven op deze problematiek en de wijze waarop daarmee kan worden omgegaan.
Deze bijdrage bespreekt het thema interne openbaarheid van het bestuursproces, in het bijzonder de werking van artikel 8:29 van de Algemene wet bestuursrecht. Dit artikel gaat dus over partijtoegang tot informatie in een gerechtelijke procedure.
Op 9 december 1947 vermoordden Nederlandse militairen zonder duidelijke militaire noodzaak het grootste deel van de mannelijke bevolking in het Indonesische dorpje Rawagede. Bijna 64 jaar later, op 14 september 2011, deed de Haagse rechtbank uitspraak in een zaak die was aangespannen tegen de Nederlandse staat door een aantal weduwen en andere nabestaanden van de slachtoffers. De Nederlandse staat beriep zich hierbij op verjaring, maar de rechtbank oordeelde dat de verjaringstermijn (deels) buiten toepassing moest worden gelaten. In dit artikel plaatst Wouter Veraart de Rawagede-zaak in perspectief.