Metajuridica

Nut of noodzaak

Over rechtshistorisch onderzoek en zaakwaarneming

H. van Gennep

Post thumbnail Veel van de vragen die juristen nu stellen, zijn ook al gesteld door juristen die eeuwen geleden leefden. De rechtsgeschiedenis dient als inspiratie voor ‘nieuwe’ rechtsvragen. Hans van Gennep laat in deze amuse zien wat het nut van rechtsgeschiedenis voor juristen is.

Opinie | Amuse
oktober 2023
AA20230726

Obiter dictum

De overweging ten overvloede in de hedendaagse praktijk

J.D.A. den Tonkelaar

Post thumbnail De veranderde opvattingen over de taak van de rechter kunnen een toename van overwegingen ten overvloede meebrengen. Er zijn grenzen aan de mogelijkheden die zo’n overweging biedt. Eén ervan is dat de rechter in de tekst van de uitspraak rechter blijft en zich niet uit als privé-persoon.

Opinie | Opiniërend artikel
april 2019
AA20190277

Oliver Wendell Holmes

Away from principles, towards facts

A.M. Hol

Post thumbnail

Ontegenzeggelijk verdient Oliver Wendell Holmes een plaats in een galerij van grote rechters en wel om tenminste drie redenen. Hij ‘zat’ op belangrijke zaken, zoals de Lochner case, die door het Supreme Court van de Verenigde Staten zijn beslist. Hij was een begenadigd stylist die prikkelende, bijna literaire opinies en dissents schreef. Maar misschien nog wel de belangrijkste reden om Holmes ‘in ere’ te houden, is zijn invloed op de rechtswetenschap. Voor Holmes rechter werd, had hij al een opvallende carrière achter de rug als rechtswetenschapper. Zijn wetenschappelijke inzichten heeft hij in zijn rechterswerk benut, uitgewerkt, maar ook genuanceerd. Deze inzichten blijken in het licht van de huidige Nederlandse discussie over methoden van juridisch onderzoek verrassend actueel te zijn.

Rode draad | Beroemde en Beruchte rechters
mei 2010
AA20100364

Om te doen ophouden de menigvuldige twistgedingen (Digitaal boek)

Opmerkingen omtrent de historische achtergrond van de onrechtmatige daad

G.E. van Maanen

Post thumbnail Soms gaat achter één woord een hele geschiedenis schuil. In dit cahier worden de historische wortels van de onrechtmatige daad bloot gelegd.

9789069161914 - 01-01-1995

Omgaan met de tijd

R. de Graaff, F.Q. van de Pol

Jurisprudentie van de Hoge Raad kan tot problemen leiden als de rechtspraktijk zich op een andere interpretatie heeft ingesteld. Als oplossing wordt soms een bepaalde vorm van rechterlijk overgangsrecht toegepast: de zogenoemde prospective overruling. Deze techniek kent zowel voor- als nadelen. Met name de positie van procespartijen kan in het gedrang komen. Hoe kan de Hoge Raad hier het beste mee omgaan?

Opinie | Redactioneel
juni 2015
AA20150431

Omstreden rechtspraak en rechters-plaatsvervangers

L.E. de Groot-van Leeuwen

Post thumbnail Naar aanleiding van een omstreden uitspraak van de Rechtbank Breda kwam recent aan de orde dat een grotere terughoudendheid bij de inzet van rechters-plaatsvervangers gepast zou zijn. De aandacht voor rechters-plaatsvervangers in dit verband is echter niet op zijn plaats; de discussie zou zich moeten richten op de interne en onderlinge cultuur van rechterlijke colleges.

Opinie | Opiniërend artikel
mei 2013
AA20130386

Ondernemerschap in de rechtspleging

Over de kansen van een Netherlands Commercial Court

E. Bauw

Post thumbnail

De beslechting van internationale handelsgeschillen wordt steeds meer een onderdeel van ‘The Global Marketplace’. De laatste jaren snoepen in deze zaken gespecialiseerde 'commercial courts' marktaandeel af van de 'gewone' civiele rechter. Met het initiatief tot de oprichting van een Netherlands Commercial Court, met gespecialiseerde rechters en Engels als procestaal, tracht de Nederlandse rechtspraak aan deze ontwikkeling enig tegenspel te bieden. Zal dit initiatief stand kunnen houden in het internationale geweld?

Opinie | Opiniërend artikel
februari 2016
AA20160093

Onderwijs AIO-studentencongres ‘Van Papyrologie tot NBW’

R.J.Q. Klomp, C.E. du Perron

Verslag van een congres georganiseerd door historisch juridische disputen in november 1988 op een kasteel in Vught. Het was een rechtshistorisch congres speciaal voor aio´s. In het artikel komt onder meer aan de orde wie er hebben gesproken en met welke onderwerpen.

Perspectief | Perspectiefartikel
juni 1989
AA19890562

Onderwijs in rechtsfilosofie

G.C.G.J. van Roermund

Dit tijdschrift heeft mij uitgenodigd wat prikkelende stellingen over het onderwijs in de rechtsfilosofie naar voren te brengen, ontleend aan de Tilburgse ideeën en ervaringen. De bedoeling was dat die dan hartstochtelijk tegengesproken zouden worden. De redactie heeft lang gezocht om iemand te vinden die het er grondig mee oneens was. Maar ik heb begrepen dat iedereen er juist van harte mee instemde. Met des te meer vertrouwen en genoegen, want mede namens al die geraadpleegde collega's en (mag ik hopen) studenten, breng ik daarom het nu volgende in de openbaarheid. Hier zijn een paar inhoudelijke, vervolgens een paar didactische, tenslotte een paar programmatische stellingen.

Perspectief | Perspectiefartikel
juli 1995
AA19950577

Onderwijs in rechtsfilosofie, een reactie

H.G. van der Werf

Reactie op een eerder artikel in Ars Aequi over het vak rechtsfilosofie binnen de rechtenstudie.

Opinie | Reactie/nawoord
november 1995
AA19950860

Onderzoeksbevoegdheden ter voorkoming van terroristische aanslagen: de pro’s en contra’s van het Amerikaanse antiterrorismebeleid

M.F.H. Hirsch Ballin

Post thumbnail De bestrijding van terrorisme heeft in het laatste decennium van de vorige eeuw het strafrechtelijk opsporingsonderzoek veranderd. Het proefschrift van Marianne Hirsch Ballin brengt in beeld hoe Nederlandse en Amerikaanse antiterrorismemaatregelen zich verhouden tot de fundamentele rechten en beginselen die in het strafrechtelijk onderzoek en het strafproces dienen te worden gewaarborgd. In dit artikel licht zij toe welke onderzoeksbevoegdheden ter voorkoming van terroristische misdrijven aan de Amerikaanse autoriteiten ter beschikking staan. Vervolgens geeft zij aan hoe de Verenigde Staten zowel in positieve als negatieve zin als voorbeeld kunnen dienen voor reflectie op ons eigen systeem van opsporing van terroristische misdrijven.

Literatuur | Proefschriftbijdrage
maart 2013
AA20130247

Ongerechtvaardigde verrijking

E.J.H. Schrage

Vanaf de dagen van het Romeinse recht zijn het contract en de onrechtmatige daad niet de enige bronnen van verbintenissen. Er zijn er nog een paar meer. Daaronder speelt de ongerechtvaardigde verrijking een belangrijke rol. Iedereen is tegen ongerechtvaardigde verrijking: vanaf de Romeinse jurist Pomponius, via de middeleeuwse jurist Martinus Gosia, tot de Hollandse natuurrechtsleraar Hugo de Groot. Desondanks heeft de vormgeving van een goede regeling veel voeten in de aarde. We volgen de ontwikkeling van een belangwekkend leerstuk vanaf de 2e eeuw na Chr. tot in het Nieuw BW.

Overig | Rode draad | Digesten
oktober 2005
AA20050815